Desque
UK

Naomy Dentro

Architect/Eigenaar Studiodentro

1

Vanuit welke optiek past u duurzaamheid toe in projecten?

Het klimaat verandert, steeds sneller. We zien de repercussies hiervan dagelijks in het nieuws. Ik persoonlijk ben niet met duurzaamheid bezig om de aarde te redden. De aarde redt het ook wel zonder ons mensen. Maar het menselijk en dierlijk leed dat zich nu afspeelt ten gevolge van deze veranderingen maakt dat ik me er mee bezig wil houden en op mijn manier duurzaam leef en ontwerp.

2

Op welke manier past u de vraag naar duurzaamheid toe in een project?

Ik wacht niet op de vraag. Het is onderdeel van mijn manier van ontwerpen. Het is een kwestie van prioriteren. In het ontwerpproces maak ik constant keuzes; gebruiksgemak, identiteit, stijl, levensduur, budget enzovoort. Door duurzaamheid ergens voorop te plaatsen borg ik het automatisch binnen het ontwerp. Mijn methode is vooral heel intuïtief en niet heel erg gericht op (duurzaamheid) labels of iets dergelijks. De materalen die ik voorstel zijn natuurlijk of gerecycled en kunnen in het gunstigste geval na gebruik weer terug in de materiaalketen. Ik probeer maatwerk zodanig te detailleren dat het object of heel lang meegaat of makkelijk te demonteren is zodat de materialen weer opnieuw te gebruiken zijn. Ik hou van meubilair met een gebruiksgeschiedenis en kijk altijd naar de mogelijkheid tot hergebruik. Wanneer ik nieuw meubilair voorstel kies ik liever een lokaal geproduceerde variant. Zo hoeft het niet van ver te komen en kan ik, bij wijze van spreken, als ik wil een kijkje in de keuken nemen.

3

Op welk onderdeel in een project ziet u de beste mogelijkheden met betrekking tot duurzaamheid en circulariteit?

In principe liggen er kansen in elk onderdeel van een traject. Ik denk dat wanneer je van meet af aan een bepaalde ambitie uitspreekt ten aanzien van duurzaamheid je dit kunt integreren in het hele traject. Bijna letterlijk richting aangeven. Om het concreter te maken; Waar ik steeds meer moeite mee heb is het aanzicht van volle afvalcontainers door het compleet leegtrekken van de bestaande, opnieuw in te richten kantoorvloer. Vaak gaat als eerste het tapijt, de systeemwanden en het vaste meubilair eruit om deze vervolgens te vervangen door compleet nieuw tapijt, systeemwanden en vast meubilair. Door eerst te inventariseren wat opgeknapt en hergebruikt kan worden en, indien dit niet kan, te kiezen voor tapijtleveranciers met een gesloten productiecyclus (ze nemen dan bijvoorbeeld de tegels weer terug om deze als grondstoffen te gebruiken voor nieuwe tegels) kun je al een flinke slag slaan. Hetzelfde geldt voor de systeemwanden en het maatwerk.

4

Het COVID-19 virus treft ook de interieurbranche, er wordt meer thuis gewerkt dan ooit. Wat voor invloed heeft dit voor de toekomst?

We zien nu dat er langzaamaan beperkende maatregelen worden teruggedraaid. Een term die je vaak hoort is “het nieuwe normaal”. Ik denk dat we grotendeels weer de draad oppakken en vaak ook weer teruggrijpen naar hoe we gewend zijn te werken. Gedragspatronen zijn moeilijk te veranderen omdat een groot deel van ons gedrag onbewust, automatisch gebeurt. Er heeft, denk ik, wel een verschuiving plaats gevonden in bewustwording. Mensen hebben ervaren wat ze nou daadwerkelijk nodig hebben op hun werkplek om hun werk prettig en efficiënt te kunnen uitvoeren. Maar ook het wanneer en waarom van interactie met collega’s. Ik denk dat heel veel vergaderingen in de toekomst een stuk bondiger zullen zijn en de gesprekken bij de koffiemachines een stuk dierbaarder gevonden worden. Wel op anderhalve meter natuurlijk.

5

Hoe ziet de werkplek er volgens u over 5 jaar uit?

Wij mensen zijn behoorlijke gewoontedieren. Ik verwacht eerlijk gezegd geen wereldschokkende veranderingen. Werkomgevingen zijn aan verandering onderhevig maar zulke grote stappen hebben we ook weer niet gemaakt. Dag in dag uit naar dezelfde locatie gaan om te werken wanneer het werk niet per se locatie afhankelijk is vind ik überhaupt een achterhaald concept.

Maar wie zal het zeggen? Ik denk dat weinigen voorspeld zullen hebben dat we maanden in Lock down zouden komen te zitten.

Ik hoop zelf dat er meer prioriteit komt te liggen op de leefbaarheid van de werkplekken in plaats van op de efficiëntie. Een werkplek waaraan je kunt zitten en staan is heerlijk. Het zorgt ervoor dat je gezond, in beweging en op je werkplek blijft. Niet de hele dag op je werkplek zitten en tussendoor buiten wandelen of even een boodschap doen houdt je ook gezond en in beweging. Persoonlijk vind ik de tweede variant fijner.

Veel kantoren worden ontworpen naar aanleiding van kengetallen en normen. Terwijl je vaak heel goed intuïtief kunt omschrijven wat goed voor je is. Als ik een willekeurig iemand op straat vraag de ideale werkplek te omschrijven krijg ik waarschijnlijk niet de reflectiewaarde van een werkblad of het aantal standen van een stoel te horen.

Wat het geforceerde thuiswerken inzichtelijk heeft gemaakt is het belang van fysieke interactie en samenwerking. Van het gesprek bij de koffiemachine tot co-creatie.

Het lijkt alsof de crisis ons duwt naar extremen. Alleen en geconcentreerd werken doe je thuis en socializen en co-creëren samen op kantoor. Wat zou er gebeuren als we deze extreme demarcatie doorzetten in het (toekomstige) kantoorontwerp? Dan krijgen we letterlijk de ruimte voor het samenwerken op anderhalve meter. En wanneer we onze werkzaamheden gaan plannen naar locatie; de ene dag thuis en de andere dag op kantoor, dan wordt het misschien ook wel minder druk op de wegen. Wat zou het mooi zijn als het zo simpel kon zijn.

Projectafbeeldingen: SRA – De Meern
Architect: Naomy Dentro / Studiodentro
Werkconcept en functioneel
interieurontwerp: Creovate
Fotografie: Melanie Samat

Projectinrichting: Desque

  • Terug naar Interviews